Op 3 mei 1771 gebeurde het dat Symon (Simon*) van der Lee op reis moest. Zo als hij dat vaker deed vroeg hij zijn oudste zoon om op het waterpeil bij de molen te letten. Symon had een watermolen in Zoetermeer en het juiste waterpeil was van groot belang. Simon van der Lee, de acht jarige oudste zoon van Symon was zeer trots dat hij dit voor zijn vader mocht doen. Om half zeven in de ochtend ging hij naar het hek om daarvandaan het waterpeil bij de watermolen in de gaten te houden.
Symon was net vertrokken toen hij bedacht dat hij zijn zoon nog iets belangrijks moest vertellen. Hij liep terug naar de molen en bij het hek was aangekomen zag hij Simon niet. Symon dacht dat hij naar zijn moeder was gegaan. Binnen gekomen vroeg hij naar zijn zoon, maar zijn vrouw, Trijntje van der Marel wist ook niet waar Simon was. Ze had hem niet meer gezien nadat hij vanmorgen naar buiten was gegaan. Ze dacht dat hij wel boven met een van de twee andere jongere zoons (Jan en Arie) aan het spelen was. Symon en Trijntje gingen opzoek naar hun zoon. Hij was nergens in de molen vinden. Ze maakte zich ongerust en rende naar buiten om daar rondom de molen te zoeken. Tevergeefs, Simon was spoorloos. Lees meer

Kastelein Van der Lee.
Aan het eind van de zeventiende tot in het begin van de negentiende eeuw, hebben in Holland de zogenoemde ‘beterhuizen’ bestaan. Dat waren particuliere gevangenissen waarin mensen konden worden opgesloten die, gemeten naar de maatstaven van hun familie, onaangepast gedrag hadden vertoond. Een eigenaar van de beterhuis werd wegens het karakter -herberg- van het beterhuis vaak kastelein genoemd. Cornelis van der Lee zwaaide de scepter het beterhuis “De Drie Taarlingen” in Delft.
Er waren in Delft verschillende beterhuizen, waarvan “De Drie Taarlingen” een van de oudste was. Harmanus Taarling had het beterhuis in 1663 opgericht. Het beterhuis bleef drie generaties in het bezit van de familie Taarling en kreeg daardoor de naam “De Drie Taarlingen”. In het beterhuis betaalde de ‘gasten’ zelf (in veel gevallen werd er door familieleden betaalt) voor de kost en inwoning. De bedragen die betaalt werden waar deels afhankelijk wat je als ‘gast’ aan wensen had. Gemiddeld betaalde men 250 gulden per jaar.
Delft rond 1649
Cornelis van der Lee werd op 16 oktober 1678 in Delft gedoopt. Hij was het jongste kind uit het gezin van Arijen Jansz van der Lee en Maria Gijsbrechts van Oosterwijck. Helaas krijgt Cornelis van der Lee als nakomertje niet echt de kans om zijn ouders goed te leren kennen.
Arijen Jansz van der Lee (gedoopt in Delft op 5-12-1638) en Maria Gijsbrechts van Oosterwijck (gedoopt in Delft op 21-03-1638) gingen op 10 juni 1662 in ondertrouw en trouwde op 26 juni 1662 in Delft. Cornelis van der Lee had twee oudere broers, Johannes van der Lee (gedoopt in Delft op 25-03-1663) en Gijsbert van der Lee (gedoopt in Delft op 03-04-1670) en drie oudere zussen, Sentje van der Lee (gedoopt in Delft op 07-08-1665), Jannetje van der Lee (gedoopt in Delft op 14-02-1668) en Eva van der Lee (gedoopt in Delft op 17-10-1673). Lees meer »