Als dochter van Klaas van der Weide en Maria van Althuis was er voor hun dochter Maria Klazina van der Weide geen ontkomen aan om te leren lezen. Dit kleine leesboekje uit het begin van de twintigste eeuw werd waarschijnlijk eerst aan Maria voorgelezen, waarna zij er zelf uit leerde lezen en oefende met schrijven.

Op iedere bladzijde van het leesboekje is een gekleurde prent te zien, met daarbij een kort rijm over de haasjes Jan en Frits en hun strenge meester Langoor.
Door de jaren heen werd het leesboekje steeds kwetsbaarder en begonnen de bladzijden langzaam uiteen te vallen. Om dit bijzondere stukje familiegeschiedenis te behouden, zijn de pagina’s ingelijst.
Maar voor onze familie vertelt dit kleine boekje een heel ander verhaal. Tussen de gedrukte regels zijn de sporen van een kind bewaard gebleven: aarzelende potloodstrepen, losse letters, zoekende woorden en misschien wel haar eerste zelfgeschreven zinnen.

Hier zien we haar oefenen met schrijven. Ze vormde haar letters, maakte fouten, begon opnieuw en zette een van de eerste woorden op papier. Zo bewaren we niet alleen een oud leesboekje, maar vooral de herinnering aan Maria als jong meisje.